R.K. basisschool J.H. Newman

kwaliteit, openheid, diepgang

Statuten

Hieronder vind u onze statuten. Persoonlijke gegevens zijn hieruit verwijderd.

OPRICHTING STICHTING:

NAAM EN VESTIGING

Artikel 1

De stichting draagt de naam: Stichting Rooms Katholiek Basisonderwijs John-Henry Newman.

Zij is gevestigd te Tilburg.

GRONDSLAG

Artikel 2

De stichting beoogt onderwijs te doen geven op katholieke grondslag. Zij wil daarbij handelen volgens de algemene regelingen betreffende katholiek onderwijs, zoals neergelegd in een onderwijsnota, de nota “bezield en bewust” van de Nederlandse Bisschoppenconferentie, een beleidsnota met het oog op een nieuwe dynamiek en een gedeelde visie in het katholiek onderwijs, vastgesteld op vier november tweeduizend twee.

DOEL

Artikel 3

  1. De stichting heeft, zonder winstoogmerk, ten doel de bevordering van het primair onderwijs.
  2. De stichting beoogt onderwijs te doen geven op katholieke grondslag. Zij wil daarbij handelen volgens de regelingen die de bisschop van ’s-Hertogenbosch vaststelt.
  3. De scholen van de stichting staan open voor leerlingen ongeacht hun levensbeschouwelijke afkomst en/of geloofsovertuiging.

MIDDELEN

Artikel 4

De stichting tracht haar doel te bereiken langs rechtsgeldige weg en wel door:

  1. het oprichten, overnemen, beheren en in stand houden van een of meer scholen en instellingen binnen het gebied van het primair onderwijs op katholieke grondslag;
  2. het aandacht besteden aan de godsdienstige vorming van de leerlingen overeenkomstig hetgeen daaromtrent in de in artikel 2 genoemde beleidsnota bepaald;
  3. het aangeven in het schoolplan van de wijze waarop vorm en inhoud wordt gegeven aan de katholieke identiteit van de door haar bestuurde scholen; in het lesrooster wordt voldoende ruimte ingebouwd voor godsdienstige vorming, waaronder het van godsdienst / levensbeschouwing;
  4. het samenwerken met instellingen, die een gelijk of gelijksoortig doel als vermeld in de artikel 2 en 3 nastreven;
  5. het benutten van alle andere wettige middelen, die ter bereiking van het doel nuttig kunnen zijn.

BESTUUR

Artikel 5

  1. Het bestuur is belast met het besturen van de stichting.
  2. Het bestuur vormt in het kader van de onderwijs wet- en regelgeving het bevoegd gezag van de stichting.
  3. Het bestuur is bevoegd tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en bezwaring van registergoederen.
  4. Het bestuur is niet bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten, waarbij de stichting zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidstelling voor een schuld van een ander verbindt.
  5. Het bestuur waarborgt de identiteit van de onder haar bestuur staande scholen.

Artikel 6

  1. Het bestuur van de stichting bestaat uit een door het bestuur te bepalen aantal leden met een minimum van drie en een maximum van zeven. Het bestuur bepaalt zelf de eigen omvang.
  2. De leden van het bestuur worden gekozen met inachtneming van algemene bestuurlijke vaardigheden en kerkelijke betrokkenheid.
  3. De leden van het bestuur onderschrijven doel en grondslag van de stichting.
  4. Het bestuur vult zichzelf aan met inachtneming van de vorige leden.
  5. De bestuursleden hebben zonder last of ruggespraak zitting in het bestuur.
  6. Als bestuurslid zijn niet benoembaar werknemers van de stichting noch diegene die direct of indirect bedrijfsmatig of beroepsmatig leveranties, werkzaamheden of dienstverlening ten behoeve van de stichting verrichten.
  7. De leden van het bestuur worden voor hun werkzaamheden niet financieel gehonoreerd, maar hun kosten kunnen wel worden vergoed.

Artikel 7

  1. De bestuursleden hebben zitting voor een tijdvak van maximaal vier jaar. Het bestuur stelt een rooster van aftreden op. Het tussentijds in een vacature benoemd lid neemt, voor wat het rooster van aftreden betreft, de plaats in van zijn voorganger.
  2. Een volgens rooster aftredend lid is terstond herbenoembaar, met dien verstande dat het lidmaatschap maximaal twee volle periodes van vier jaar bedraagt. In uitzonderingsgevallen kan het bestuur een derde periode toestaan.
  3. Herbenoeming van een lid dat een functie in het bestuur bekleedde betekent niet ipso facto herstel in deze functie.
  4. In geval van vacatures in het bestuur wordt het bestuur gevormd door de in functie zijnde bestuursleden, onverminderd het in lid 5 van dit artikel en het in artikel 16 bepaalde.
  5. Wordt op enig moment niet meer voldaan aan het gestelde artikel 6, eerste lid, dan wordt binnen zes maanden door het zittende bestuur voor aanvulling tot ten minste drie leden gezorgd; gedurende deze termijn bezit het resterende gedeelte van het bestuur alle rechten en verplichtingen, in deze statuten aan het bestuur toegekend of opgelegd.
  6. Verlopen de zes maanden, bedoeld in het vorige lid, zonder dat de vereiste aanvulling tot stand is gekomen, dan is de bisschop van ’s-Hertogenbosch gerechtigd voor aanvulling van het bestuur tot drie leden te zorgen.
  7. Voor benoeming van een voorgedragen lid is een meerderheid van twee derden van de geldig uitgebrachte stemmen nodig, uitgebracht op een vergadering waarin tenminste drie vierden van het aantal bestuursleden aanwezig is. Is het hiervoor gestelde aantal niet aanwezig dan wordt de beslissing verdaagd naar de volgende vergadering waarop, ongeacht het aantal aanwezige leden, een besluit wordt genomen met een meerderheid van twee derden van de geldig uitgebrachte stemmen.
  8. Het bestuur kiest uit zijn midden een voorzitter, een plaatsvervangend voorzitter, een secretaris, een plaatsvervangend secretaris, een penningmeester en een plaatsvervangend penningmeester
  9. Leden van het bestuur mogen niet middellijk of onmiddellijk deelnemen aan leveringen of aannemingen ten behoeve van de stichting. Een lid, dat in strijd handelt met deze bepaling, kan worden geroyeerd.

Artikel 8

  1. 1. Het lidmaatschap van het bestuur eindigt in ieder geval door aftreden overeenkomstig het vastgestelde rooster van aftreden, tussentijds aftreden op eigen verzoek, royement, overlijden, ontslag door de rechtbank overeenkomstig de wettelijke bepalingen, het bereiken van de tachtigjarige leeftijd of doordat het bestuurslid onder curatele wordt gesteld.
  2. Een bestuurslid kan worden geroyeerd bij een bestuursbesluit genomen met een meerderheid van twee/derde der geldig uitgebrachte stemmen van de overige bestuursleden, evenwel niet dan nadat aan het betrokken bestuurslid de gelegenheid is geboden om zich in een vergadering te verantwoorden en verdedigen. Het besluit van het bestuur terzake wordt gemotiveerd bij aangetekend schrijven aan betrokkene ter kennis gebracht.

DIRECTIE

Artikel 9

Het bestuur benoemt, schorst en ontslaat de algemeen directeur(en), en indien de stichting meerdere schooldirecteuren in dienst heeft, de schooldirecteuren. De taken en bevoegdheden zijn vastgelegd in een managementstatuut/directiestatuut.

VERTEGENWOORDING

Artikel 10

  1. Het bestuur vertegenwoordigt de stichting in- en buiten rechte. Vertegenwoordigingsbevoegdheid komt eveneens toe aan de voorzitter en secretaris gezamenlijk.
  2. Het bestuur is bevoegd om bij bestuursbesluit andere bestuurders dan genoemd in het eerste lid en/of andere personen dan bestuurders bevoegdheid tot vertegenwoordiging toe te kennen.

VERGADERINGEN

Artikel 11

  1. Het bestuur vergadert tenminste viermaal per jaar, waarvan eenmaal vóór één juli en eenmaal vóór eenendertig december ter vaststelling van de begroting voor het komende kalenderjaar, en voorts zo dikwijls als de voorzitter dit noodzakelijk oordeelt.
  2. Vergaderingen worden voorts gehouden zodra twee van de leden van het bestuur, onder opgave van redenen, de wens daartoe te kennen geven. Indien de voorzitter niet binnen drie weken een vergadering bijeengeroepen heeft, zijn de verzoekers bevoegd door middel van een schriftelijke convocatie een vergadering bijeen te roepen op een termijn van tenminste acht dagen, welke oproeping dient te geschieden op de wijze zoals in lid 3 bepaald.
  3. De vergaderingen van het bestuur worden door of vanwege de voorzitter bijeengeroepen. Bij deze oproeping dient een termijn van tenminste vijf dagen in acht te worden genomen waarbij de dag van de oproeping en de dag van de vergadering niet worden meegerekend. De bijeenroeping van de vergadering geschiedt schriftelijk, onder toezending van de agenda met bijbehorende te behandelen stukken. De bestuursleden zijn gerechtigd aanvullingen of wijzigingen op de agenda voor te stellen. Hierover beslist het bestuur. De voorzitter kan in spoedeisende gevallen van de regels voor bijeenroeping afwijken, indien dit naar het oordeel van de voorzitter vereist is.
  4. De vergaderingen van het bestuur worden geleid door de voorzitter en bij diens afwezigheid door de vicevoorzitter. Bij beider afwezigheid wijst de vergadering zelf haar voorzitter aan.
  5. Van het verhandelde in de vergaderingen van het bestuur worden notulen gehouden, die door het bestuur worden vastgesteld. De notulen zijn niet openbaar.
  6. Alle stemmingen ter vergadering over zaken geschieden mondeling, tenzij de voorzitter een schriftelijke stemming gewenst acht of één der stemgerechtigde leden dit vóór de stemming verlangt. Schriftelijke stemming geschiedt bij ongetekende gesloten briefjes. Ongeldige en blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht. De leden van het bestuur stemmen hoofdelijk, tenzij de vergadering blijk geeft van algemene instemming met het aan de orde zijnde voorstel en geen der leden een hoofdelijke stemming verlangt.
  7. Behoudens in die gevallen, waar de statuten uitdrukkelijk anders bepalen, neemt het bestuur zijn besluiten met volstrekte meerderheid der stemmen in een vergadering, waar tenminste de helft plus één der bestuursleden aanwezig is. Blanco stemmen tellen voor het behalen der meerderheid niet mee. Staken de stemmen bij stemming, niet een benoeming betreffende, dan wordt het voorstel geacht verworpen te zijn.
  8. Ten aanzien van onderwerpen, waaromtrent de bestuursleden tevoren schriftelijk voldoende zijn geïnformeerd, kunnen de leden, die ter vergadering afwezig zullen zijn, hun stem bij een door hen ondertekende schriftelijke verklaring indienen bij de secretaris, die gehouden is deze verklaring bij de stemming ter vergadering openbaar te maken. Alsdan zal deze verklaring meetellen bij de stemming omtrent de desbetreffende onderwerpen als ware zij uitgebracht door een aanwezig lid.
  9. Wordt bij stemming over personen een benoeming betreffende de vereiste meerderheid niet verkregen, dan vindt herstemming plaats tussen de twee personen, die de meeste stemmen behaalden. Behalen meer dan twee personen de meeste stemmen dan delen deze allen in de herstemming. Bij het niet behalen alsdan van de meerderheid der stemmen wordt degene die het hoogste aantal stemmen op zich verenigde, geacht te zijn gekozen. Is het hoogste aantal stemmen door meer dan één persoon behaald dan beslist het lot wie van deze laatsten benoemd is.
  10. Mocht in het bestuur om welke reden dan ook, één of meer leden ontbreken, dan vormen de overblijvende leden dan wel vormt het overblijvende lid, niettemin een rechtsgeldig bestuur.
  11. De vergaderingen van het bestuur zijn niet openbaar, met dien verstande dat de algemene directeur de vergaderingen van het bestuur als regel wel bijwoont, dit tenzij het bestuur gemotiveerd anders beslist.
  12. De verdere werkwijze van het bestuur kan nader worden geregeld in een door het bestuur vast te stellen bestuursreglement.

VRIJWARING

Artikel 12

  1. De stichting vrijwaart de leden van het bestuur afzonderlijk voor aanspraken die het gevolg zijn van vermogensschade, die zij door handelen of nalaten in de uitoefening van hun functie hebben veroorzaakt, behalve indien:
    1. sprake is van opzet of grove schuld;
    2. de leden van het bestuur afzonderlijk persoonlijk winst of voordeel behaalden dan wel enige vergoeding ontvingen, waartoe zij wettelijk niet gerechtigd waren;
    3. de schade voortvloeit uit het feitelijk plegen van een misdrijf.
  2. De in het vorige lid bedoelde vrijwaring omvat mede alle kosten die worden gemaakt in verband met het voeren van verweer tegen een aanspraak, met inbegrip van proceskosten tot betaling waarvan de leden van het bestuur afzonderlijk mochten worden veroordeeld.
  3. De vrijwaring geldt niet voor claims en kosten voorzover de leden van het bestuur afzonderlijk deze claims en/of kosten kan claimen onder enige verzekeringspolis.

GELDMIDDELEN

Artikel 13

De geldmiddelen der stichting bestaan uit:

  1. het stichtingskapitaal en de inkomsten daarvan;
  2. subsidies uit de openbare kassen;
  3. school- en cursusgelden;
  4. rechtmatig verkregen bedragen en schenkingen;
  5. andere, op wettige wijze verkregen baten.

Eventuele erfstellingen en legaten mogen alleen onder voorrecht van boedelbeschrijving aanvaard worden.

BOEKJAAR EN FINANCIELE STUKKEN

Artikel 14

  1. Het boekjaar van de stichting is gelijk aan het kalenderjaar.
  2. Het bestuur zorgt jaarlijks voor een jaarverslag en een financieel jaarverslag, waaruit blijkt van de ontvangsten en uitgaven van het afgelopen boekjaar en de vermogenstoestand van de stichting aan het einde daarvan. Het financieel jaarverslag moet binnen zes maanden na afloop van het boekjaar van de stichting door het bestuur zijn vastgesteld. De vaststelling kan slechts plaatsvinden indien bij de jaarstukken een rapport van een registeraccountant of van een andere externe financiële deskundige is gevoegd.

PERSONEELSBELEID

Artikel 15

  1. Het bestuur benoemt, schorst en ontslaat de directie.
  2. Bij benoeming van het aan haar scholen te verbinden personeel zal de stichting zich ervan verzekeren, dat het personeel de grondslag van de stichting onderschrijft en loyaal zal meewerken aan de doelstellingen van het onderwijs, zoals die in het schoolplan, mede ten aanzien van de katholieke identiteit, zijn omschreven.
  3. Benoeming en ontslag van godsdienstleraren aan onder het beheer van de stichting staande scholen geschieden overeenkomstig door de bisschop van ‘s-Hertogenbosch vast te stellen regelgeving.
  4. Het bestuur stelt in overleg met de bisschop van ‘s-Hertogenbosch een protocol op inzake seksueel misbruik, als deel van het schoofreglement, voor de scholen die onder haar beheer vallen.

HUISHOUDELIJK REGLEMENT

Artikel 16

Het bestuur kan tot nadere uitwerking van de statuten een huishoudelijk reglement opstellen. Dit mag geen bepalingen bevatten, die in strijd zijn met de wet en de statuten.

STATUTENWIJZIGING EN ONTBINDING

Artikel 17

Deze statuten kunnen worden gewijzigd en de stichting kan worden ontbonden bij een besluit, genomen met een meerderheid van tenminste twee derde der geldig uitgebrachte stemmen in een opzettelijk daartoe belegde vergadering, waarin tenminste twee derde van de bestuursleden aanwezig zijn.

Wordt in de bijeengeroepen vergadering het vereiste quorum niet behaald dan kan in een binnen een maand doch tenminste een week later tot hetzelfde doel te houden vergadering een besluit tot wijziging der statuten of ontbinding met de normale meerderheid worden genomen.

Artikel 18

Een besluit tot wijziging van de statuten en ontbinding van de stichting kan slechts worden genomen, indien aan het in artikel 6, eerste lid genoemde vereiste omtrent het aantal bestuursleden dan tenminste zitting dient te hebben, wordt voldaan.

Artikel 19

De liquidatie van de stichting geschiedt door het bestuur met inachtneming van de daarvoor geldende wettelijke voorschriften. Een na liquidatie overblijvend batig saldo wordt bestemd voor een doel zoveel mogelijk overeenkomend met dat der stichting, aan te wijzen door het bestuur.

SLOTBEPALINGEN .

Artikel 20

  1. In alle gevallen, waarin noch door de statuten noch door het huishoudelijk reglement wordt voorzien, beslist het bestuur.
  2. Voor het nemen van besluiten over oprichten van een nieuwe school, over de opheffing, samenvoeging, overdracht of verandering van richting van een onder het bevoegd gezag van de stichting staande school, alsmede juridische fusie, (af)splitsing of ontbinding van de stichting, is voorafgaande schriftelijke goedkeuring vereist van de bisschop van ‘s-Hertogenbosch.
  3. Voor de wijziging van deze statuten behoeft de stichting de voorafgaande schriftelijke goedkeuring van de bisschop van ‘s-Hertogenbosch.

Artikel 21

Besluiten tot wijziging van de artikelen 6 derde lid, 15, 19 en 21, alsmede van de bepalingen met betrekking tot de naam, de doelstelling, de middelen ter bereiking van de doelstelling, alsmede de besluiten tot ontbinding, juridische fusie en (af)splitsing van de stichting en tot oprichting, overdracht, samenvoeging, opheffing of verandering van richting van een onder het bevoegd gezag van de stichting staande school, treden niet in werking dan nadat daarop de goedkeuring van de bisschop van ‘s-Hertogenbosch of diens gedelegeerde is verkregen en van de statutenwijziging een notariële akte is opgemaakt.